Skip to content

Koers naar 2050: Het IMO Net-Zero Framework

Publicatiedatum: 03-10-2025
Auteur: Daan Berk

De Internationale Maritieme Organisatie (IMO) heeft nieuwe regelgeving aangekondigd die de maritieme sector moet helpen in 2050 net-zero broeikasgasemissies te bereiken. Deze regelgeving, bekend als het IMO Net-Zero Framework (IMONZF), vormt een belangrijk onderdeel van de wereldwijde inspanningen om luchtvervuiling ten gevolge van scheepvaart tegen te gaan. In oktober 2025 stemmen de IMO-lidstaten over de definitieve invoering van het framework. Het IMONZF zal, als het wordt ingevoerd, een belangrijke rol spelen in het verduurzamen van de sector en zal naar verwachting grote impact hebben op scheepseigenaren, rederijen en andere maritieme bedrijven wereldwijd. Dit artikel zal verder uitweiden over het framework en de verwachte gevolgen. Ook zal dit artikel het IMONZF vergelijken met FuelEU Maritime, waar in eerdere artikelen van Venturn over uitgeweid is.

Wat is het IMO Net-Zero Framework?

De wetgeving is bedoeld om de broeikasgasemissies van schepen op een Well-to-Wake basis (van bron tot gebruik) te meten en te reduceren. Het framework meet en begrenst de broeikasgasintensiteit (GHG fuel intensity) van de brandstoffen die maritieme bedrijven gebruiken. De regelgeving zal grenzen stellen die de maximale broeikasgas-intensiteit van de brandstof over het verloop van tijd bepalen.

De regelgeving kent verschillende niveaus van naleving. Als een bedrijf niet voldoet aan de meest strenge norm van broeikasgasintensiteit, genaamd de “basic tier”, dan betaalt het bedrijf een belasting van $380 per ton CO2-equivalent aan uitgestoten broeikasgassen. Bij de berekening van deze uitstoot worden niet alleen CO₂, maar ook andere schadelijke gassen zoals methaan (CH₄) en distikstofmonoxide (N₂O) meegenomen.

Wanneer een bedrijf wel voldoet aan de minst strenge norm (basic tier), maar niet voldoet aan de meest strenge norm, genaamd de “direct compliance”, betaalt het bedrijf een belasting van $100 per ton CO2-equivalent. De bedrijven die aan de meest strenge norm voldoen (direct compliance), ontvangen emissierechten over de uitstoot die ze vermeden hebben. Deze emissierechten kunnen ze voor bepaalde tijd aanhouden om later te gebruiken, of gebruiken voor schepen binnen een bepaalde groep die niet aan de direct compliance-norm voldoen.

Voor welke entiteiten is het IMO Net-Zero Framework van toepassing?

De wetgeving zal van toepassing worden op schepen met een bruto tonnage (GT) van 5000 of meer die internationaal opereren. Deze schepen vallen onder de nieuwe regelgeving en zullen moeten voldoen aan de gestelde emissienormen. Er zijn echter enkele uitzonderingen. Militaire schepen en niet-commerciële schepen zijn uitgesloten van de regelgeving. Hiernaast zijn schepen die niet zelf aangedreven worden, schepen die niet mechanisch aangedreven worden en semi-afzinkbare schepen uitgesloten van deze regelgeving.  

Opbrengsten uit Belastingen

De opbrengsten van het IMONZF zullen gebruikt worden om het IMO Net-Zero Fonds te financieren. Dit fonds heeft een breed scala aan doelen en speelt een centrale rol in het stimuleren van verduurzaming binnen de sector. Ten eerste zullen deze opbrengsten gebruikt worden om de emissierechten van milieuvriendelijke schepen te betalen, hiermee krijgen de meest milieuvriendelijke schepen een subsidie.

Hiernaast zal het fonds ingezet worden om innovatie, onderzoek, infrastructuur en andere initiatieven binnen de energietransitie in ontwikkelingslanden te ondersteunen. Ook zullen de opbrengsten voor het IMO Net-Zero Fonds gedeeltelijk gebruikt worden om gebruikers van ZNZ’s (Zero and Near-Zero fuels, technologies & energy sources) te stimuleren. Verder draagt het fonds bij aan de uitvoering van de bredere IMO GHG-strategie, onder andere door middel van training, technologische uitwisseling en capaciteitsopbouw. Tenslotte worden de opbrengsten uit het fonds ook ingezet om potentiële negatieve invloeden op kwetsbare landen te mitigeren. Op dit moment is het niet duidelijk wat de verdere details van het IMO Net-Zero Fonds zijn.

Combinatie met andere wet- en regelgeving

Naast de aangekondigde wetgeving van het IMO Net-Zero Framework, zijn er op dit moment ook andere milieuregels van toepassing op de maritieme sector. Voorbeelden hiervan zijn FuelEU Maritime, de Carbon Intensity Indicator (CII), het Europese emissiehandelssysteem (EU ETS) en ontwerp- en efficiëntienormen zoals EEDI en EEXI. Scheepseigenaren en andere maritieme bedrijven krijgen te maken met extra kosten door onder andere belastingen, administratieve last en maatregelen om schepen te verduurzamen.

De doelstellingen voor broeikasgasintensiteit van de brandstof verschillen tussen het IMO Net-Zero Framework en FuelEU Maritime. Onderstaande figuur geeft dit weer, door de beoogde maximale broeikasgasintensiteit van brandstof over tijd weer te geven voor FuelEU Maritime, het IMO Net-Zero Framework basic tier en het IMO Net-Zero Framework direct compliance. De doelstellingen voor de broeikasgasintensiteit van de brandstof voor het IMO Net-Zero Framework zijn slechts bepaald tot 2030. Onderstaand figuur heeft deze lijnen rechtstreeks doorgetrokken tot het doel van net-zero in 2050.

Tot 2023 staat het IMO Net-Zero Framework een hogere broeikasgasintensiteit toe dan FuelEU Maritime, hierna zullen de gestelde doelen onder het IMO Net-Zero Framework een lagere broeikasgasintensiteit beogen dan die van FuelEU Maritime.

Het is op dit moment onduidelijk of de invoering van het IMO Net-Zero Framework kan leiden tot aanpassingen aan bestaande wet- en regelgeving. Hiernaast is het onduidelijk in welke mate de administratie voor verschillende wetgevingen gecombineerd kan worden.

Welke opties zijn er tot verduurzaming?

De scheepvaart heeft meerdere opties om haar uitstoot te beperken. Afhankelijk van de specifieke regelgeving kunnen verschillende maatregelen effectief zijn. Gezien het IMO Net-Zero Framework zich richt op de broeikasgasintensiteit van de gebruikte brandstof, zijn maatregelen die deze intensiteit beperken effectief om te voldoen aan de eisen van het IMO Net-Zero Framework. Voorbeelden hier van zijn alternatieve brandstoffen.

Naast brandstofkeuze kunnen ook technologische innovaties bijdragen aan emissiereductie. Voorbeelden hiervan zijn windvoortstuwing, zonne-energie en systemen voor het afvangen en opslaan van broeikasgassen. Het IMO heeft aangegeven dat alle technologieën, brandstoffen en energiebronnen op een Well-to-Wake basis zullen worden beoordeeld op hun toepasbaarheid binnen het IMO Net-Zero Framework.

Tijdlijn

De conceptregelgeving is in april 2025 goedgekeurd door de IMO-lidstaten. In oktober 2025 zullen de lidstaten stemmen over de definitieve acceptatie van de regelgeving. Wanneer de wetgeving geaccepteerd wordt, zal deze vanaf 1 maart 2027 formeel van kracht worden. Naar verwachting zullen de regels vervolgens vanaf 1 januari 2028 van toepassing worden op de scheepvaart.

Controversie in acceptatie

Het framework heeft tegenstand gehad. Zo heeft de Amerikaanse President Donald Trump zich uitgelaten tegen het framework. Ook heeft de Amerikaanse overheid aangekondigd sancties in werking te zullen stellen voor staten die voor het IMONZF stemmen. Naast de verklaring van de Amerikaanse overheid hebben diverse rederijen en andere organisaties hebben zich in een gezamenlijke verklaring tegen het framework uitgelaten. Tegelijkertijd hebben andere organisaties en overheden zich positief uitgelaten over het framework en de invloed die het zal hebben op verduurzaming van de maritieme sector. Het is op dit moment onduidelijk hoe de IMO-lidstaten zullen gaan stemmen over het framework.

Wat is de rol van Venturn?

Venturn volgt de ontwikkelingen rondom het IMO Net-Zero Framework en andere relevante emissiewetgeving op de voet. De invoering van deze regelgeving brengt zowel kansen als risico’s met zich mee voor maritieme bedrijven. Venturn helpt haar klanten deze in kaart te brengen en strategisch te benutten. Door kennis te delen en inzicht te bieden in de opties voor compliance en verduurzaming, ondersteunt Venturn bedrijven bij het maken van weloverwogen keuzes in een snel veranderend speelveld.