Publicatiedatum: 22-01-2026
Auteur: Styn Mulderink
De alledaagse afhankelijkheid van consumenten van moleculen uit de chemische industrie is enorm. In 96% van alles wat je aanraakt zit chemie. Dit benadrukt waarom richting, schaal en durf in de circulaire transitie nu cruciaal zijn. Daar staat tegenover dat de basisindustrie ongeveer 40% van de energie verbruikt in Nederland, dit valt te vergelijken met het verbruik van 8 miljoen Nederlandse huishoudens. Het belang van verduurzaming in de industrie zal u dan ook niet verbazen.
De route naar een circulaire economie in 2050 is helder uitgetekend. Rapporten, visies, analyses, aan papier geen gebrek. Toch blijft de ongemakkelijke waarheid dat de chemie- en brandstoffensector nog mijlenver verwijderd zijn van de schaal van veranderingen die nodig zijn om net-zero te bereiken. Terwijl Nederland beschikt over een unieke uitgangspositie, dreigt het momentum verloren te gaan door gebrek aan coördinatie, richting, marktprikkels en durf. Het falen van het Europese industriebeleid werd afgelopen week weer bevestigd. Vioneo kondigde aan een investering van 1,5 miljard euro te schrappen voor een “groene” plastic fabriek in de haven van Antwerpen. De fabriek zal uiteindelijk in China gebouwd worden.
Wat ontbreekt, is een lange termijnstrategie met een gezamenlijke uitvoering.
Waar een wil is, is een weg
De basisbouwstenen voor veel producten, zoals plastics, bevatten koolstof. Wanneer deze koolstof niet uit fossiele bronnen komt, maar gerecycled, circulair ingezet of uit de atmosfeer vastgelegd wordt, spreekt men van circulaire koolstof. Het volgt dan een gesloten kringloop in plaats van dat het vrijkomt als CO2 bij verbranding. De Nederlandse basisindustrie en in het bijzonder het Rotterdamse havencluster, heeft een unieke positie om koploper te worden in de transitie naar circulaire koolstof. Zo beschikt de haven van Rotterdam over de infrastructuur voor CO2-opslag, ruimte voor import en export van biobrandstoffen en toegang tot vraag in de industriële clusters van Noordwest-Europa. Maar wie denkt dat deze uitgangspositie vanzelf leidt tot succes, vergist zich. In werkelijkheid remt de onzekerheid over toekomstig beleid en marktontwikkelingen investeringen af. Bedrijven opereren in een mondiale markt waar fossiele brandstoffen nog altijd goedkoper zijn en waar Europa zich soms verliest in zijn eigen regulering. Ambitieuze publiek-private besluitvorming en samenwerking zijn nodig om de vertrouwensbreuk tussen beide partijen te herstellen, zodat er ruimte kan komen voor een geloofwaardige en consistente strategie.
Aanpassen of transformeren
SmartPort onderscheidt in hun onderzoek richting een duurzame chemicaliën- en brandstofindustrie twee routes: aanpassen en transformeren. Uit dit rapport van SmartPort blijkt dat wanneer we kiezen voor transformeren in plaats van aanpassen, het aandeel circulaire koolstof voor productie van chemicaliën stijgt naar 80% in plaats van 0% in 2050. Aanpassen betekent bijvoorbeeld warmte-integratie, waarbij restwarmte uit het kraakproces wordt hergebruikt voor andere processtappen of voor stoomproductie, terwijl transformeren eerder gaat over het gebruik maken van groene methanol, ammoniak of waterstof. Deze brandstoffen worden gemaakt uit biogene koolstof en dezelfde koolstof wordt later hergebruikt voor chemische producten, plastics of synthetische brandstoffen.
De markt voor duurzame chemicaliën is nagenoeg non-existent. De betalingsbereidheid is laag en bedrijven worden nog steeds geprikkeld om fossiele processen te optimaliseren in plaats van te vervangen. Zolang het verlenen van fossiele subsidies blijft gaan via het klimaatfonds zullen de benodigde diepte-investeringen voor het klimaat uitblijven. De afgelopen 20 jaar heeft de chemische industrie beschikbare kapitaalstromen grotendeels gebruikt voor aandeelhouders in plaats van voor strategische investeringen. Hierdoor ontbreekt vandaag de investeringsbasis die nodig is om fossiele processen daadwerkelijk te vervangen.
Het grootste manco: een overheid zonder duidelijke industrievisie
De industrie vraagt niet om subsidies. Ze vraagt om zekerheid. Iemand vanuit de industrie geeft aan dat er op dit moment simpelweg geen private business case bestaat voor de chemische industrie. Directeur van het Centraal Planbureau Hasekamp zet hiertegenover dat de basisindustrie onderbouwing mist en een industrie alleen moet steunen als je een redelijke verwachting hebt dat dat tot iets leidt, bijvoorbeeld door middel van een concurrerende groene basisindustrie. Toch waarschuwt hij voor het risico dat het in landen met beter ontwikkelde groene energievoorzieningen straks alsnog goedkoper is.
Uit rapport Wennink, een op verzoek van Kabinet Schoof gegeven onafhankelijk advies over het toekomstige verdienvermogen van Nederland, blijkt dat het Nederlandse investeringsklimaat niet tekortschiet op ideeën, maar op voorspelbaarheid, snelheid en bestuurlijke samenhang. Projecten lopen niet vast op technologie, maar door een opeenstapeling van systeemblokkades: trage en onvoorspelbare regelgeving, langdurige vergunningstrajecten, gebrek aan stikstofruimte, schaarste aan fysieke ruimte, netcongestie, structureel hoge elektriciteitskosten en beperkte toegang tot financiering. Elk van deze factoren afzonderlijk is al remmend; samen maken ze grootschalige investeringen praktisch onhaalbaar. De stikstofimpasse vormt hiervan het meest duidelijke voorbeeld: sector-overstijgend, langdurig en volledig bestuurlijk-juridisch. Dat dit geen uitzondering is, blijkt ook uit de 14.044 bedrijven en organisaties die wachten op een elektriciteitsaansluiting en uit projecten als Porthos, die jarenlang vertraging opliepen door procedures.
Binnen het ARRRA-cluster, een samenwerking van het Antwerpen-Rotterdam-Rhine-Ruhr Area cluster, bestaat inmiddels trilateraal overleg over de toekomst van de chemische industrie, maar de samenwerking zoekt nog altijd naar concrete vorm en uitvoeringskracht. Veel discussies blijven steken op Europees niveau, terwijl voor het cluster juist de fysieke randvoorwaarden doorslaggevend zijn: gedeelde infrastructuur, zoals voor CO2-opslag en -transport, waterstof en elektriciteit. Wat industrie en samenleving nu nodig hebben is chefsache handelen van leiders, want zonder concrete acties van overheden blijven bedrijven op de rem staan. Rapport Wennink stelt dat ruim 20 miljard euro van de investeringen zal direct chemie gerelateerd moeten zijn. Het gaat dan onder meer om de vergroening van krakers, vergassing en Methanol-naar-Olefinen (9,3 miljard euro), Chemie voor Defensie (5,5 miljard euro) en Innovatie Chemie NL (2 miljard euro). Ook projecten voor circulaire plastics (0,9 miljard euro), Carbon Tech en CO2-afvang en hergebruik ofwel CCU (1,9 miljard euro).
Macro-econoom Edin Mujagic vindt dat we door deze investeringen niet de problemen aanpakken bij de oorzaak, maar daarmee juist een oerwoud aan regels, fiscale regelingen en toeslagen creëren. Ook hoogleraar Publieke Economie Bas Jacobs stelt dat eerst de problemen in ons belastingstelsel verholpen moeten worden voordat er een weer een nieuw fiscaal lapmiddel ontwikkeld wordt.
Synergie is de sleutel, maar die ontstaat niet vanzelf
De chemie- en brandstoffensector hebben elkaar nodig. Uit rapport Van Kempen ”Keuzes voor het klimaat en de energietransitie” blijkt dat er een coördinatieprobleem heerst in de industrie. Beide sectoren delen infrastructuur, grondstoffen, reststromen en risico’s, en toch opereren ze nog te vaak in verschillende werelden, met gescheiden belangenverenigingen, gescheiden beleidslijnen en gescheiden investeringsplannen. Hoewel chemie, basisindustrie en brandstoffen sterk verweven zijn, leidt het ontbreken van een duidelijke afbakening in beleid tot versnippering en tegenstrijdige prikkels.
De gezamenlijke visie die de Koninklijke Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI), Vereniging Energie voor Mobiliteit en Industrie (VEMOBIN), Havenbedrijf Rotterdam en andere partijen hebben ontwikkeld, om over te stappen van fossiele naar duurzame koolstofbronnen zoals afval, biomassa en afgevangen CO2 is een goed begin.
Een sterk mandaat is volgens een expert uit de chemische industrie dan ook een vereiste om circulaire chemie en brandstof te verbinden. De interesse om waardenketens aan te passen is er dan ook zeker, echter ligt de focus nu vooral op verminderen van CO2-emissie. Een voorbeeld waar de chemische waardeketen al circulair opereert, is bij het bedrijf CIRCTEC, dat met behulp van chemische recycling afgedankte autobanden omzet in circulaire grondstoffen zoals brandstoffen, chemische bouwstenen en herwonnen carbon black voor hergebruik in nieuwe producten.
De oproep: kies voor richting, kies voor samenwerking, kies voor tempo
Wat nu nodig is, is politieke moed én industriële samenwerking;
- De overheid moet eindelijk een langjarige industrievisie neerzetten die zekerheid biedt, marktcreatie forceert en strategische autonomie serieus neemt.
- De industrie en overheid moeten stoppen met het bewandelen van parallelle paden: de transitie vraagt om verwevenheid, niet om versplintering.
Nederland moet af van de reflex om te optimaliseren wat we uiteindelijk moeten afbouwen. We moeten durven kiezen voor echte transformatie, en dat betekent samen investeren, samen risico’s dragen en samen bouwen aan een circulaire waardeketen die groter is dan de som der delen. De toekomstige commissaris van de welvaart kan met een meerjarenperspectief, helpen om onafhankelijk advies te geven aan de regering. We moeten ook van bedrijven een zuiver moreel kompas verwachten op de route naar een duurzame toekomstige welvaart.
Als we niet doorpakken, verliezen we niet alleen de basisindustrie maar ook onze strategische autonomie. We verliezen een historische kans om de Europese industrie opnieuw uit te vinden. Een duurzamere, slimmere en sterkere industrie dan het ooit is geweest.
Venturn
Juist hier, op het snijvlak van leiderschap, samenwerking en uitvoering, positioneert Venturn zich als vaste sparringpartner op het gebied van leiderschap en ontwikkeling. Met ruim 25 jaar ervaring in de maritieme supply chain helpt Venturn bedrijven bij het vormgeven van de noodzakelijke transformaties en het ontwikkelen van een cultuur die innovatie en duurzaamheid stimuleert. Op deze manier ondersteunt Venturn de bedrijven niet alleen in hun strategische keuzes, maar ook in het ontwikkelen van de leiders die de transitie naar circulaire koolstof daadwerkelijk kunnen realiseren.
Meer informatie? Neem dan een kijkje op onze website: www.venturn.nl

